Waar is mijn Heer?

15-09-2021

'Ze hebben mijn Heer weggehaald en ik weet niet waar ze hem hebben neergelegd.'

Wanneer ik in het gezelschap van medechristenen ben en hen hoor spreken over het geloof, is bovenstaande uitspraak meestal wat in mij naar boven komt.
Wie is die Jezus waarover zij het hebben? Ik vind de Jezus uit de bijbel niet terug.
Hij lijkt op de Jezus die ik ken, maar toch is Hij het niet.
Wat ik bedoel, is dat het beeld dat zichtbaar wordt, zo beperkt, zo onvolkomen is.
Wanneer je aan iemand vraagt wat er zo bijzonder aan Jezus is, komen ze zeer dikwijls niet verder dan dat Hij opkwam voor de zwakken of de armen.
Dat is natuurlijk waar, maar Hij kwam natuurlijk op voor iedereen, in die zin dat Hij als verlosser een soort van advocaat was, een pleitbezorger. Hij verdedigde ons bij de Vader.

Een andere uitspraak is: "Hij is ons voorbeeld." , waarbij men zomaar aanneemt dat zijn voorbeeld volgen ons wel zal lukken, als we gewoon ons best doen.
Maar ik zie het niemand doen.

Pas hoorde ik iemand vertellen hoe de verschillende christelijke denominaties het avondmaal of de communie vieren en wat de betekenis voor hen is.
Hij vond het interessant de geschiedenis ervan te bestuderen.
Ik durfde niet te zeggen dat het mij helemaal niet interesseerde.
Wanneer ik de communie ontvang, dan doe ik dat met eerbied maar hoe Jezus aanwezigheid theologisch in elkaar zit, vraag ik me op dat moment niet af.
Ik zou het trouwens toch niet echt begrijpen.

Hoeveel discussies worden er niet gehouden over het verschil tussen de denominaties. Ze willen allemaal bewijzen aan de hand van bijbel teksten dat zij zelf gelijk hebben, maar vooral dat de anderen verkeerd zijn.
En toch gaat het zelden over de fundamenten van het geloof. Meestal gaat het over wat ik 'versierseltjes' noem.
Het probleem is dat de meeste christenen de fundamenten zelfs niet kennen.
De hoeksteen van het fundament is Jezus en als je Hem niet kent, dan heeft de rest geen zin.

Jezus taak was het evangelie van het Rijk Gods te verkondigen.
Maar wat is het Rijk Gods?
Hij is zoon van God maar Hij noemt zichzelf de Mensenzoon. Wie of wat is Hij?

Heel het heilsverhaal draait rond vergiffenis en verzoening. Het gaat om 'zeventig maal zeven', tot ' Vader vergeef het hen, want ze weten niet wat ze doen' in zijn laatste momenten, te midden van vreselijk lijden.

Er worden ellenlange discussies gevoerd over praktische zaken als ceremoniekleding, het soort muziek, tot zelfs waar iedereen moet zitten, welke bewegingen er moeten gemaakt worden en welke woorden er moeten uitgesproken worden.

Het is interessant je in gedachten de Jezus, die we kennen uit de evangelies
erbij te halen en Hem te vragen van Hij ervan denkt.
Zou Hij zichzelf of zijn boodschap nog herkennen?

Mensen hebben een sprookjesachtige voorstelling van het Rijk Gods.
Ze zien dan een stad met gouden muren, en poorten gemaakt van parels;
een stad, die hangend aan touwen uit de hemel neerdaalt.
Het is een plaats die God als een geschenk aan de gelovigen geeft.
Maar dat is niet het beeld van het Rijk Gods; dat is het nieuwe Jeruzalem dat Johannes beschreef in het boek Openbaring.

En het Rijk Gods is niet iets wat God aan ons geeft. In zekere zin is het iets dat wij aan God geven.
God kan het niet geven, hoogstens aan ons opdringen, en dat doet Hij niet want onze vrije wil is hem heilig.
''Het Rijk Gods is onder u' zei Jezus. Dit wil zeggen dat het niet gaat over iets dat in de verre toekomst ons gegeven zal worden. Het Rijk Gods is er nu en was er ook in Jezus tijd, nog niet ten volle maar er was een aanzet.
Het was er zoals het mosterdzaadje dat moet uitgroeien tot een grote struik.
Hij was er zoals zuurdesem dat heel het deeg moet doen rijzen.

Het Rijk Gods is niets anders dan de plaats waar God heerst, waar God het voor het zeggen heeft, waar wij hem het gezag geven, waar zijn wil geschiedt.

Dat is wat Jezus kwam vertellen en voordoen. Hij was diegene die altijd deed wat zijn Vader wilde en Hij liet zien wat er dan gebeurde. De wonderbaarlijke dingen die gebeurden waren tekens van een leven naar Gods wil.

Jezus was de nieuwe schepping.
Net zoals Adem had Hij een vrije wil, maar Hij verkoos de wil van zijn Vader te doen.
Hij was bereid de verantwoordelijkheid te nemen voor de fouten van de schepping.
Hij liet de Geest van God de leiding overnemen.
Waar hij was, was het Rijk van God.