Vasten

04-03-2019

"Is dit niet het vasten dat ik verkies: misdadige ketenen losmaken, de banden van het juk ontbinden, verdrukten bevrijden, en ieder juk breken? Is het niet: je brood delen met de hongerige, onderdak bieden aan armen zonder huis, iemand kleden die naakt rondloopt, je bekommeren om je medemensen?" Jesaja 58,6-7

Mede door deze tekst brengt de hedendaagse christen het vasten in verband met de actie van Broederlijk Delen. Veertig dagen voor Pasen gaan we eens extra aandacht geven aan mensen in nood; vooral die uit derde wereld landen. We laten ons inlichten over verschillende projecten en steunen die dan financieel.
Misschien houden we af en toe ook een 'vastendag' waarbij we een beetje soberder eten, het dessert weglaten of misschien wel een maaltijd overslaan.

Voor het tweede Vaticaans concilie ging het er iets strenger aan toe. Niet alleen in de veertigdagentijd maar elke vrijdag werd er een beetje 'gevast'. Die dag werd het 'luxeproduct' vlees van het menu geschrapt en vervangen door vis. Dit klinkt in deze tijd een beetje gek, want vis is tegenwoordig meestal duurder dan vlees.
Je mocht dus geen vlees eten maar je eventueel wel volproppen met lekkere visschotels.

Een tweede ongeschreven regel was dat kinderen niet mochten snoepen, tenminste niet tijdens weekdagen, 's zondags mocht het wel.
Ik herinner me dat ik in verschillende winkels en ook thuis een snoepje kreeg.
Ik at het niet onmiddellijk op maar stopte het in een doosje en snoepte op zondag alles lekker op. Vanaf maandag werd het doosje dan weer gevuld.

De dag van vandaag vinden de meeste mensen dit lachwekkend, en terecht, maar vroeger stelde niemand zich daar vragen bij. Dit waren de regels die de kerk ons oplegde en dus volgden we die. We wisten alleen dat we zondigden wanneer we het niet deden.

Tegenwoordig wordt het vasten dus vervangen door liefdadigheid. Dit is natuurlijk heel zinvol, maar is het eigenlijk wel vasten.
Vasten is toch 'niet eten'. Niet dat het een dieet is, maar wel een manier om je los te maken van je dagelijkse beslommeringen en je aandacht te richten op God.
In het nieuwe testament wordt er niet zoveel gesproken over vasten; Jezus zei zelfs dat zijn leerlingen niet hoefden te vasten zolang Hij bij hen was.

"Daarop kwamen de leerlingen van Johannes bij hem en vroegen: 'Waarom vasten wij en de Farizeeën wel regelmatig en uw leerlingen niet?'  Jezus antwoordde: 'Bruiloftsgasten kunnen toch niet treuren zolang de bruidegom bij hen is? Maar er komt een dag dat de bruidegom bij hen wordt weggehaald, dan zullen ze vasten." (Mt. 9,14-15)

In de bijbel wordt er maar één keer vermeld dat Jezus zelf vastte. Hij trok de woestijn in en at veertig dagen niet.
Wij hebben in dit verband een beeld van Jezus die op een dorre plek zit en het in zijn eentje moet opnemen tegen de duivel.

Christenen hebben zelfs een term die dit soort toestand weergeeft: 'woestijnervaring'. Daarmee bedoelen ze een periode waarin ze het contact met God verloren lijken te hebben. Een periode van geestelijke dorheid en eenzaamheid.

Maar Jezus ging niet alleen de woestijn in.
Hij had zich net laten dopen en de Vader had hem zijn geliefde Zoon genoemd terwijl de Heilige Geest op hem neerdaalde. Het was trouwens de Geest die hem meevoerde naar de woestijn.
In het evangelie volgens Lucas staat er zelfs dat Hij vol van de Heilige Geest de woestijn introk en er veertig dagen in geestesvervoering verbleef.
Hij werd er bekoord, maar dat was juist om Hem van God weg te trekken niet om hem te zoeken.
Ik denk dat ze daar met ze drieën (Vader, Zoon en Geest) een intense tijd van samenzijn hebben gehad. Niks dorheid binnenin.

Misschien is dat een les voor ons.
Het is niet verstandig in je eentje en zonder voorbereiding de woestijn in te trekken want zonder de nodige uitrusting overleef je dat niet.
Je gaat God niet vinden in de woestijn, je moet hem meenemen.