Bestaan er nog wel geboden?

14-02-2019

We leven in een tijd waarin alles mag en alles kan. Er mogen geen taboes meer zijn. Wie dat bepaalt, weet ik niet. Dat dit toch niet zo positief is; daar ben ik zeker van.
Een leven zonder regels is helemaal niet goed, tenzij in een ideale maatschappij waarin iedereen een goedgevormd geweten heeft, maar dit is zelfs onder christenen niet zo.  En zeggen dat het iets is van deze tijd, klopt eigenlijk ook niet.

De eerste mens mocht alles, behalve één ding: eten van de boom van kennis van goed en kwaad.
En zelfs dat ene verbod was er te veel aan. Want de mens wilde en wil nu nog, zelf bepalen wat goed of kwaad is, dat is waar het om gaat.
Hij wil geen autoriteit boven zich die bepaalt wat hij moet doen en laten; hij is zo trots om te denken dat hij zelf wel weet wat het beste voor hem is.

En toch draait heel de heilsgeschiedenis om het gehoorzamen van God. Deze gehoorzaamheid eiste Hij van zijn uitverkoren volk en deze gehoorzaamheid eiste Hij zelfs van zijn Zoon.
Je kunt niet spreken over een Rijk Gods wanneer je God niet laat regeren.
Je kunt niet deel uitmaken van het Rijk Gods wanneer je jezelf niet onder zijn Koningschap plaatst.

Vanwaar toch die weerzin om een autoriteit boven ons te dulden?
Vanwaar toch dat rare idee, dat God die autoriteit niet heeft?

Ik vraag me soms af hoe mensen God zien; of ze wel beseffen wat er bedoeld wordt wanneer er gesproken wordt over een god. Zelfs de afgoden die mensen vroeger zelf maakten, hadden een zeker autoriteit en werden aanbeden.
En wij, die beweren dat Jahweh de enige God is, de Volmaakte, de Schepper van alles wat er bestaat en dus ook onze Schepper, wij vinden het onaanvaardbaar dat Hij boven ons staat en dat we Hem moeten gehoorzamen. We willen wel leven in zijn Koninkrijk maar Hij heeft enkel een ceremoniële functie, zoals we op het ogenblik ook willen dat onze wereldse koning dat heeft.
Waar halen we het waanzinnige idee vandaan dat zijn Rijk een democratie is, waarin wij bepalen hoe de zaken lopen?
Jezus vond het normaal en noodzakelijk dat Hij steeds de wil van zijn Vader moest doen, maar wij denken dat we mogen kiezen wat ons ligt.
Natuurlijk laat God ons vrij, daarin verschilt Hij van de wereldse heersers.
Langs de ene kant is Hij de enige die het recht heeft zich God te noemen en heeft Hij in feite de macht om zijn wil op te leggen, maar langs de andere kant laat Hij iedereen vrij om voor Hem te kiezen.
Wij zijn vrij te leven in of buiten zijn Koninkrijk, maar indien we er deel van willen uitmaken dan zullen we moeten gehoorzamen; dan is het van het grootste belang dat we proberen te achterhalen wat God juist van ons wil.
Je gehoorzaamt aan Gods geboden omdat je ervan overtuigd bent dat God volmaakt is en zijn geboden dus goed zijn.
Wanneer je fouten maakt, ben je niet bang voor zijn oordeel omdat je weet dat zijn oordeel rechtvaardig is.
Maar misschien hebben we een beetje moeite met het woord 'rechtvaardig' omdat we het altijd verbinden met dat andere woord: 'streng'; "streng maar rechtvaardig" weet je wel.
Zo is God altijd gezien: als iemand die nauwkeurig de stand bijhield en je goede daden tegenover je fouten afwoog. Het ergste was, dat die fouten ook allemaal hun eigen gewicht hadden. Liegen en vloeken waren eerder een lichtgewicht zonde, stelen was zwaarder en het gewicht was afhankelijk van de waarde van het gestolene. Onkuisheid was een zeer zware zonde en 's zondags niet naar de kerk gaan ook.
Goede daden hadden ook hun gewicht maar op één of andere manier wogen ze nooit zo zwaar als de zonden. Dus de balans sloeg altijd naar de negatieve kant uit, daar was geen ontkomen aan.
Dus als God streng en rechtvaardig was, dan moest Hij ons wel straffen.
Maar rechtvaardigheid houdt met meer dingen rekening dan fouten en goede daden. Bij een gewone wereldse rechtspraak is er niet alleen een rechter, maar ook en een advocaat die ten goede spreekt voor de beschuldigde. Hij draag bijvoorbeeld allerlei verzachtende omstandigheden aan om het gewicht van de fouten, of alleszins de schuld minder zwaar te maken.

Ik wil het hier nu niet hebben over de rol van satan als de beschuldiger en de rol van Jezus als onze pleitbezorger, zoals dat in de bijbel staat, maar een feit is dat God op de hoogte is van verzachtende omstandigheden; van alle verzachtende omstandigheden.
Hij weet hoe we in elkaar zitten: genetisch en emotioneel.
Hij weet wat onze mogelijkheden zijn, rekening houdend met onze talenten en beperktheden.
Hij kent onze inspanningen of het gebrek eraan.
Hij weet hoe onze omgeving, zelfs voor onze geboorte, ons beïnvloed en gevormd of misvormd heeft. Hij weet wat ons gekwetst heeft en wat elke vorm van liefde misschien in ons gedood heeft.
Hij kent onze gedachten en welke vreemde kronkels ze kunnen maken. Hij kent onze emoties en welke weerslag die kunnen hebben op ons denken. Hij kent de angsten die ons verlammen of ons aanzetten tot agressie.

Enkele voorbeelden. Als iemand als kind enkel aandacht kreeg wanneer hij iets fout deed, dan zal hij zich als volwassene ook gaan misdragen om aandacht te krijgen.
Wanneer je bent opgegroeid in een omgeving waar stelen en liegen normaal was, dan zal je dat als volwassene waarschijnlijk ook gaan doen omdat je denkt dat het de gemakkelijkste en misschien wel de enige manier is om te krijgen wat je hebben wil.
Wanneer er in je familie geen seksuele grenzen waren of misschien abnormaal veel grenzen en remmingen, dan zal je als volwassene misschien ook geen gezonde kijk hebben op seksualiteit en die dan ook niet op een normale manier kunnen beleven of order controle kunnen houden.
Wanneer je geleerd hebt dat de enige manier om je te verdedigen agressie is, dan zul je waarschijnlijk een agressief of een zeer laf iemand worden.

Geen elke aardse rechter is van die dingen op de hoogte, maar God wel.
Hij houdt met al deze dingen rekening voor het vellen van een oordeel.
Dat is volmaakte rechtvaardigheid; dat is liefdevolle rechtvaardigheid: niet zoeken naar redenen om te straffen en maar naar redenen om niet te straffen.
Zoiets kan de zwaarste zonde tot een stofje in de wind maken, maar het kan een klein misstapje ook tot een berg maken, wanneer de motivatie opzettelijke wreedheid is, zonder grond.

Wil dit nu zeggen dat we nooit schuld hebben omdat alles wat we doen wel een reden of een oorzaak in het verleden zal hebben? God zal die reden immers wel kennen en ons vergeven.
Er zijn nogal wat mensen die zich er gemakkelijk vanaf maken met de opmerking: "Zo ben ik; als iemand me iets in de weg legt, dan ontplof ik." Of: "Ik zeg het zoals ik het denk.", waarmee ze dan het feit dat ze mensen kwetsen, willen rechtvaardigen en het willen laten doorgaan voor eerlijkheid.
Of: "Ik kan er niets aan doen, maar als iemand mij iets misdaan heeft, dan heeft die er voor altijd gelegen."
Natuurlijk kun je er wel iets aan doen; je kunt willen veranderen.
God oordeelt je niet naar de dingen waar je niets aan kan doen, maar wel naar je bereidheid om er iets aan te doen.
In hoeverre we in staat zijn onze fouten te zien en er iets aan te veranderen is dan wel afhankelijk van onze genen en de omstandigheden waarin we zijn opgegroeid; de bereidheid om te groeien en een beter mens te worden is dat niet.

"Wees volmaakt zoals uw hemelse Vader volmaakt is." zegt Jezus ergens. Maar kan dat wel?
Misschien moeten we ons eerst eens afvragen wat het woord 'volmaakt' hier eigenlijk wil zeggen.
Wil dit zeggen: foutloos, zonder gebreken, of wil het zeggen: zo als God ons gewild heeft, zo als God ons bedoeld heeft.
Hij heeft ons gewild als individuen, als verschillende persoonlijkheden, met elk onze eigen mogelijkheden en onze eigen beperkingen.
Volmaakt worden als God wil niet zeggen hetzelfde worden als God.
God is volmaakt als de God die Hij is: zonder grenzen en beperkingen.
De mens is volmaakt als de mens die hij is: met zijn grenzen en beperkingen. We zijn ook geen klonen; we zijn allemaal verschillend en dus hebben we allemaal onze eigen beperkingen.
Volmaakt zijn als mens, is je mogelijkheden ten volle ontplooien en gebruiken, rekening houdend met je beperkingen. Maar dat veronderstelt dat je je mogelijkheden kent en je je beperkingen aanvaardt.
Het vraagt bovendien de bereidheid en de durf om jezelf te willen kennen en van daaruit jezelf te corrigeren, wat niet altijd gemakkelijk of aangenaam is.
Maar het is wel mogelijk door zijn Heilige Geest die ons vanbinnen omvormt en fijngevoeliger maakt.

Dit is het verbond dat Ik met hen zal sluiten na die dagen, zegt de Heer:
mijn wetten leg Ik in hun hart en Ik grif ze in hun geest. (Hebr. 10, 16)